Skip Navigation
Skip Left Section Navigation

SPEECHES VAN DE AMBASSADEUR

Zal men voor de Verenigde Staten applaudisseren in Charleroi? En zullen hun kinderen dat ook doen?

Ambassadeur Howard W. Gutman
30 september 2009


“Ik heb zoveel respect voor de schoonheid van de Franse taal...” dat ik wens verder te gaan in het Engels

Dit is mijn eerste officiële toespraak in België als Amerikaans Ambassadeur in België.

En ik heb ervoor gekozen die in Charleroi te houden.

Maar ik ben eigenlijk niet naar hier gekomen om te spreken.

Ik ben gekomen om te luisteren. En om naar uw handen te kijken.

Ik ben naar hier gekomen om te horen en te zien wat de stemmen en de handen van Charleroi mij vertellen over mijn land. Om te zien waar we staan bij het opbouwen van een beter samenwerkingsverband met Charleroi en dus met België, en met Europa. Om te zien waar we staan als wereldburgers. Om te zien tot waar we al gekomen zijn... en hoeveel werk we nog voor de boeg hebben.

Ik ben naar Charleroi gekomen om iets te leren van vaders die graag twee jobs willen hebben om hun gezin te onderhouden maar er vaak geen enkele kunnen vinden. Ik ben gekomen om iets te leren van moeders wier liefde voor hun kinderen hen doet twijfelen over het feit of zij zich nu meer zorgen moeten maken over de gevolgen van de klimaatverandering of over de noodzaak om het huidige economische klimaat te veranderen. Ik ben gekomen om iets te leren van de reacties in deze gemeenschap die gegroeid is uit een merkwaardige diversiteit – nl. van mensen wier voorvaderen de kroning van de eerste koning der Belgen hebben meegemaakt in 1831; van mensen wier grootouders vanuit Italië zijn verhuisd om op zoek te gaan naar de rijkdommen die zij dachten te vinden in de steenkoolmijnen; en van mensen uit Marokko en Turkije die pas hun bagage hebben uitgepakt. Het is een gemeenschap die aantoont dat het belangrijkste niet is waar je vandaan komt, maar wel waar je naartoe wil.

Ik ben gekomen om iets te leren van jullie handdruk en jullie glimlach, van jullie verwachtingen en dromen, en ook van jullie kritiek en zelfs fluitconcerten. Want ik moet nog veel leren.

Er is geen betere plaats om dat te leren dan Charleroi. Ik zal diplomaten en politieke leiders ontmoeten en veel van hen leren. Ik zal baronnen en prinsessen ontmoeten en veel van hen leren. Maar deze eerste keer, op dit belangrijke moment, is het tijd om met de mensen te spreken. De bevolking van Charleroi heeft ons zoveel te leren.

Want de mensen van Charleroi, net zoals de bevolking in België, in Europa, en in de Verenigde Staten, en ja, alle mensen op deze aarde beseffen duidelijk dat we de zaken deze keer juist moeten aanpakken... en we moeten dat samen doen. De Verenigde Staten begrijpen maar al te goed dat, om dit te verwezenlijken, we beter moeten – en blijven - luisteren, leren, en betere partners worden. Niet omdat het politiek opportuun is, maar omdat het hoognodig is. We hebben dezelfde problemen, dus moeten we samen aan de oplossingen werken.

De bevolking van België en die van de Verenigde Staten beseft dat we een zinvol economisch herstel dit keer juist moeten aanpakken; we moeten de klimaatverandering juist aanpakken voor het klimaat ons verandert; we moeten het juist aanpakken in Afghanistan en Pakistan. We mogen nooit de principes waarin we geloven vergooien met het oog op voordelen op korte termijn. Daarom moeten we samenwerken om de gevangenis in Guantanamo te doen sluiten. Belgen en Amerikanen beseffen en hebben samen de verplichting om de noden van de minderbedeelden op deze wereld te lenigen, met name in Afrika.

Maar alvorens dieper in te gaan op waar die weg naartoe leidt, gaan we eerst bekijken op welke manier we hier geraakt zijn. Laten we eens kijken waarom ik vandaag naar hier kwam om te weten te komen wat Charleroi van de Verenigde Staten vindt.

De geschiedenis leert ons dat een Amerikaans Ambassadeur zich geen zorgen hoeft te maken over de manier waarop een Belgisch publiek hem zal ontvangen. De graven van honderden jonge Amerikaanse soldaten in Flanders Fields die tijdens de Eerste Wereldoorlog gesneuveld zijn; de meer dan 13.000 Amerikaanse soldaten die tijdens de Tweede Wereldoorlog in België begraven zijn; en de toewijding waarmee duizenden Belgische gezinnen deze graven onderhouden, verwijzen nog iedere dag naar ons verleden als jarenlange bondgenoten.

Maar het verleden garandeert niet automatisch succes - zelfs niet voor bondgenoten. Bondgenoten moeten voortdurend hun band versterken door wederzijds respect en gemeenschappelijke belangen. De laatste jaren is die band verzwakt. We moesten absoluut ophouden met naast elkaar heen te praten en moeten daarentegen opnieuw een gesprek met elkaar aanknopen. En dus ben ik naar Charleroi gekomen om dat nieuwe gesprek te voeren.

Hoewel we elkaar pas hebben ontmoet en Michelle, mijn zoon en ikzelf pas zijn aangekomen, toch is ons gesprek al in januari 2007 begonnen.

Toen vroeg een jonge Amerikaanse senator van Afrikaanse origine, genaamd Barack Obama, mij om hem te komen opzoeken om een uurtje van gedachten te wisselen over zijn nakende kandidatuur voor het presidentschap van Amerika. Ik was eerst van plan niet te gaan maar wilde toch niet onbeleefd overkomen. Ik ging uiteindelijk toch om hem mede te delen dat ik zijn kandidatuur voor het presidentschap niet zou kunnen steunen.

Ik heb hem dat allemaal nooit gezegd. Want later die avond, na een gesprek van een uur met senator Obama, ben ik naar huis gegaan en heb tegen Michelle gezegd – twee jaar voor zijn verkiezing – dat ik zojuist de nieuwe president van de VS had ontmoet. Want na een uur met Barack Obama besef je dat de wereld van vandaag beter kan zijn dan gisteren en dat morgen nog beter kan zijn.

Michelle vroeg mij of ik werkelijk dacht dat ons land klaar was om een Afro-Amerikaan als president te kiezen. En ik zei haar dat ik tijdens het uur dat ik met senator Obama had gesproken nooit de indruk had dat hij een Afro-Amerikaan was. Visie en gezond verstand zijn niet van ras afhankelijk. Ik zei haar ook dat ik ervan overtuigd was dat de VS eindelijk zouden inzien dat de problemen waarvoor we staan en die ons verenigen veel groter zijn dan de meningsverschillen en vooroordelen die ons vroeger parten hebben gespeeld.

Ik wist het, wat mijn land betreft, op die koude januariavond in Washington. En we weten het allemaal, wat onze planeet betreft, in Charleroi, Brussel en Antwerpen, in Rome, Parijs en Londen, in Ankara, Rabat en Tel Aviv. Dat de problemen waarvoor we staan en die ons verenigen veel groter zijn dan de meningsverschillen en vooroordelen die ons vroeger parten hebben gespeeld. Dat de wereld steeds kleiner wordt en we dus betere buren moeten worden. Dat, gezien ons wederzijds respect en onze gemeenschappelijke belangen, geen enkele uiting van extremisme, geen enkele economische tegenslag en geen enkele bedreiging een wig mag drijven tussen ons. Dit is geen vrijblijvend spelletje. We moeten allemaal samen hogerop geraken, inclusief de moeders en vaders in Charleroi, of niemand van ons kan nog echt tot bloei komen. Dat de wereld die wij aan onze kinderen zullen nalaten veiliger en harmonieuzer zal zijn dan degene die wij van onze ouders hebben geërfd.

Maar begrijpen is slechts de eerste stap. We moeten allemaal ons werk doen. Ieder van ons heeft een individuele taak te vervullen.

Voor mij was de oproep van de president om tot actie over te gaan heel direct. Per telefoon. Toen de president mij in maart belde om mij te bedanken voor mijn vriendschap zei hij me ervan overtuigd te zijn dat de mensen in Europa en over de hele wereld op een nieuwe manier naar Amerika keken. De vraag was: wat zouden ze zien? Zouden ze zien dat we opnieuw bereid zijn te dialogeren en ons te concentreren op de menslievendheid van alle volkeren ter wereld? Zouden ze de eerlijkheid van onze woorden zien en de transparantie van onze daden? Ik was ten zeerste vereerd door de oproep van de president, en ook vereerd dat ik, samen met Michelle en de andere leden van mijn ambassade, deel kan uitmaken van wat je kan zien als je met een vernieuwde blik naar Amerika kijkt. Tijdens de komende drie jaar zal ik elke stad en elke gemeente in België bezoeken, zowel die welke altijd Amerikaanse ambassadeurs ontvangen als die welke er nog nooit één hebben gezien.

En kan je het nog niet voelen? Kan je het nog niet aanraken? Dat gevoelen van hernieuwde vriendschap en partnerschap tussen België en Amerika, van de Grote Markt in Brussel en de haven van Antwerpen, over de heuvels in de Ardennen, langs de stroom in Dinant, tot in Namen en ook... Charleroi.

Waar leiden die wegen naartoe, en waar brengen die ons samen naartoe?

Want de uitdagingen waarvoor we staan, maken ons tot een echte eenheid.

Afghanistan

Om te beginnen moeten we Afghanistan opnieuw opbouwen en we moeten dat samen doen. Wat daar gebeurt, is van belang voor ons allemaal. Ik weet dat het allemaal veraf lijkt, niet alleen van Charleroi en van België, maar ook van Texas en Miami. Vaak lijkt het zo onwezenlijk. Oorlog – d.i. het risico het bloed te verspillen van jonge Belgische en Amerikaanse soldaten – is het grootste offer dat een land of een alliantie kan brengen.

Maar terreur is even reëel als het verwrongen staal van de torens van het World Trade Center, of de wrakken van autobussen in Londen of van treinen in Madrid. Als men in New York, Washington, Madrid en Londen niet rustig kan wonen, hoe kan men dat dan doen in Texas, Miami, Brussel of Charleroi? Als ouders die bekommerd zijn om het welzijn van hun kinderen weten we dat terrorisme helemaal geen verschil in leeftijd maakt. Dit is geen oorlog waarvoor men kiest, dit is een oorlog uit noodzaak.

Bovendien helpen Belgen, Amerikanen en vele anderen de Afghanen over het gehele land een veiliger omgeving voor hen te creëren en op die manier een blijvend kader voor wederopbouw en ontwikkeling. We weten dat we die inspanningen samen moeten leveren en dat de tijd niet in ons voordeel speelt. Dus is het belangrijk dat we de zaken juist aanpakken.

Wees niet bang de vraag te stellen die in u opkomt: “Kunnen we Amerika in deze zaak vertrouwen?”

Wees niet bang de vraag te stellen. U hebt er het recht toe. Pas als we elkaar als goede buren vertrouwen, kunnen we beginnen aan de opbouw van een betere wereld.

Maar ik denk dat het antwoord al duidelijk is. Ik vertegenwoordig een land waarvan ik al heel lang hou, in een land waarvan ik steeds meer hou, en voor een president in wie ik het volste vertrouwen heb. U hebt hem al verscheidene keren gehoord. Zoals beloofd is hij bezig de rol van de Amerikaanse gevechtstroepen in Irak te beëindigen. Hij heeft Amerikaanse gevechtsbrigades uit Iraakse steden teruggetrokken en tegen volgend jaar augustus wil hij alle gevechtsbrigades uit geheel Irak terugtrekken. Hij zal het leven van geen enkele Amerikaanse soldaat een minuut langer dan nodig is in gevaar brengen – en evenmin zal hij een bondgenoot vragen hetzelfde te doen met zijn soldaten – en dit om al onze zonen en dochters te beschermen.

Sinds ik in België ben aangekomen, had ik al een ontmoeting met de opperbevelhebber van de NAVO-troepen Admiraal James Stavrides, een zeer aangenaam persoon. Net zoals de president begrijpt Admiraal Stavrides maar al te goed dat de problemen in Afghanistan niet zomaar kunnen worden opgelost met militaire macht. Steun aan de bevolking is cruciaal en dat vereist geld en expertise. De internationale gemeenschap blijft haar steun betuigen aan de ontwikkeling van Afghanistan en heeft sinds 2001 in totaal al 110 miljard dollar besteed. Daarvan heeft de VS bijna de helft bijgedragen. België levert ook zijn bijdrage en beloofde op de NAVO-top zijn al grote militaire inspanningen in Afghanistan voort te zetten en op te drijven en ook om zijn economische hulp te verdubbelen. Momenteel helpen Amerikanen, Belgen en vele anderen de Afghanen hun land weder op te bouwen. Ze helpen hen wegen, scholen en ziekenhuizen te bouwen die het lot van elke Afghaan moeten verbeteren. Er is al veel werk verricht maar er moet ook nog veel worden gedaan.

Afghanistan is niet het probleem van Amerika alleen maar van de hele wereld. Het kan niet worden opgelost met Amerikaanse macht of strategie alleen, het zal slechts worden opgelost dank zij het partnerschap van alle burgers ter wereld. De weg van ons partnerschap loopt door een veiliger en stabieler Afghanistan.

Economisch herstel

Het voorbije jaar hebben sommige politici, journalisten en bedrijfsleiders de economishe crisis afgedaan als iets nieuws, als een recent verschijnsel. Ze beweren dat er welvaart was voor iedereen tot de herfst van verleden jaar toen enkele bankiers de wereld toevallig hebben belazerd.

Maar hier in Charleroi, en in Newark (New Jersey), Detroit (Michigan) en Zuidwest-Virgina en in vroegere industrie- en mijngebieden waar ook ter wereld weten we wel beter. De crisis bestaat al tientallen jaren, of Wall Street of de Beurs van Brussel nu vertraagde of niet. Volgens velen was deze crisis niet het gevolg van de plotse ineenstorting van vastgoedleningen maar van de geleidelijke teloorgang van industrieën en steenkoolmijnen die zich meer bekommerden om hun vroegere gloriedagen dan om hun onzekere toekomst.

Daarom moeten we het nu juist aanpakken. En we moeten het samen juist aanpakken. Voor Charleroi, Newark, Detroit en voor zovele anderen. Het is duidelijk dat economisch herstel gebaseerd op echte internationale samenwerking, transparantie en een duurzame en verregaande hervorming noodzakelijk is. Zonder een dergelijke internationaal gecoördineerde hervorming is duurzaam herstel onmogelijk. Maar een dergelijke financiële hervorming volstaat niet. Dit keer moeten we verder kijken en we moeten samen verder kijken.

Want waar anderen een crisis ontwaren, zien echte leiders opportuniteiten. Een ineenstorting gaat altijd gepaard met opportuniteiten om iets opnieuw op te bouwen en het beter op te bouwen, om het verleden eer te betuigen door over te stappen op werkgelegenheid scheppende industriesectoren die toekomst hebben, bijv. de biotechnologie, de farmacie, de agro- en bio-industrie en schone energie. Als we dat doen, mogen we niemand aan zijn lot overlaten. Want in deze sectoren - in een wereld van technologie en alternatieve energie, van onderzoek en informatie – geldt dat al wat je kan produceren in New York, Parijs, Brussel of Mumbai, je evenzeer kan produceren in Charleroi, Newark of Zuidwest-Virginia.

Dus moeten we het samen juist aanpakken. Ik weet dat vele Amerikaanse bedrijven de boodschap begrepen hebben. Johnson and Johnson heeft 45 miljoen dollar geïnvesteerd in een bedrijf hier vlakbij in Courcelles. Het is de thuishaven van zijn hypermodern Europees distributiecentrum. Daar zijn ongeveer 260 directe jobs gecreëerd. Microsoft en HP hebben het begrepen want zij bouwden een innovatiecentrum in Bergen. Mijn vrienden bij Google hebben het begrepen, getuige hun centrum voor dataverwerking van 250 miljoen dollar in Wallonië. En Caterpillar blijft grote sommen investeren in zijn fabriek in de buurt van Gosselies waar, ondanks de moeilijke tijden, duizenden werknemers tewerkgesteld zijn. In totaal werden in Wallonië sinds 2000 96 Amerikaanse investeringsdossiers verwezenlijkt ter waarde van 1,2 miljard dollar en werden 4.000 nieuwe jobs gecreëerd.

Ik weet dat de Université du Travail hier het begrepen heeft door Waalse studenten op te leiden om competitief te zijn in de huidige eeuw, en niet in de vorige, en in sectoren van morgen, en niet in die van gisteren.

Ik weet dat Barack Obama het heeft begrepen. En ik weet dat Minister-President Rudy Demotte het heeft begrepen omdat ik hem deze week al twee keer heb horen verwijzen naar het Marshall Plan 2. En ik weet dat Minister-President Kris Peeters het heeft begrepen omdat ik met hem heb gepraat over sectoren waar bedrijven worden gesloten en andere die pas in volle opgang zijn. En ik weet dat Minister-President Charles Picqué het heeft begrepen omdat we de toekomst van iedereen hebben besproken.

Deze keer moeten we de zaken samen juist aanpakken en we kunnen niemand achterlaten.

Klimaatverandering

Kan er enige twijfel bestaan of enige discussie? Kan het duidelijker zijn dat wij ons niet langer kunnen permitteren grote leningen aan te gaan om meer dan één miljard dollar per dag te betalen voor onze verslaving aan fossiele brandstoffen terwijl de opbrengsten ervan terugvloeien naar hen die het meest tegen ons zijn en onze veiligheid bedreigen? Dat de sleutel tot ons gemeenschappelijk economisch herstel erin bestaat te investeren in technologieën waarvan de opbrengsten morgen naar ons zullen terugvloeien. Dat wij onze nationale veiligheid verbeteren en duurzame jobs creëren en toch onze planeet zullen redden? Dat we, wat klimaatverandering betreft, het dit keer juist moeten aanpakken en het samen juist moeten aanpakken?

België behoort sinds lange tijd tot de leidende landen op klimaatgebied en de VS heeft jammer genoeg te laat gereageerd. Maar nu staan we er wel, als partners, vol energie en motivatie zoals zovelen op deze planeet. De VS heeft 80 miljard dollar geïnvesteerd in schone energie. We hebben onze normen qua brandstofverbruik gevoelig verhoogd, nieuwe milieubeschermingsmaatregelen ingevoerd, een energiepartnerschip aangegaan met andere landen van het Amerikaanse continent, en we zijn van toeschouwer tot één van de leiders in internationale klimaatbesprekingen opgeklommen. En we hebben al duidelijk gemaakt dat we tegen 2050 in het koppeloton de eindstreep willen halen.

Ik denk dus dat we beseffen dat we de zaken in verband met klimaatverandering deze keer juist moeten aanpakken en dat we het samen moeten doen. Maar ik ben bezorgd. Voor sommigen gaat het bij klimaatverandering niet over de lange weg die we al hebben afgelegd, over onze motivatie, en of we samen naar de eindstreep willen gaan, maar wel over het spelen van politieke spelletjes, wie kan als de goede worden voorgesteld en wie kan bekritiseerd worden. De tijd om gebruik te maken van de opportuniteiten is te kort en de taak die voor ons ligt te delicaat om zinvolle hervormingen te laten dwarsbomen door internationale verdeeldheid.

Guantanamo

Net zoals met klimaatverandering beseften de Europeanen eerder dan de VS de noodzaak Guantanamo te sluiten. Maar van zodra hij was ingehuldigd, heeft President Obama direct actie ondernomen.

Herinnert u zich nog het beeld op 20 januari in Washington toen Barack Obama de eed aflegde als president van de Verenigde Staten? Eén miljoen mensen zover het oog reiken kon. Ik zat op het podium naast Greg Craig, reeds 20 jaar lang een collega-advocaat die pas raadgever in het Witte Huis was geworden. Toen de inhuldigingsceremonie nog bezig was, vertrok Greg met de sleutels van het Witte Huis in de hand. Hij ging er de sluiting van Guantanamo voorbereiden.

Na het protest van Europa en de bekendmaking van de plannen van President Obama om Guantanamo te sluiten, moeten we de sluiting doorvoeren en we moeten het samen doen. Dat zal niet gemakkelijk zijn. Er moeten rechtszaken worden aangespannen tegen sommige beklaagden en een onderkomen worden gezocht voor hen die geen bedreiging voor de maatschappij vormen. Ik heb veel respect en waardering voor het feit dat België heeft beloofd dat het zal meehelpen de sluiting tot stand te brengen. Ik waardeer elke overbrenging van een gevangene ten zeerste. Maar er zijn er nog vele andere. We moeten Guantanamo sluiten en we moeten het samen sluiten.

De Belgische rol

Ik wil niet naar Charleroi komen om simpelweg moeilijke vragen te ontwijken. En dus heb ik vandaag uitgelegd wat volgens mij de rol van de VS is nu we naar de volgende fase overgaan, nl. een betere partner te zijn, beter te luisteren, en beter te leren. Om met anderen waar ook ter wereld als partners samen te werken om de zaken juist aan te pakken, met name inzake Afghanistan, economische welvaart, klimaatverandering en Guantanamo. Om ertoe bij te dragen dat we de planeet die we aan onze kinderen overlaten beter is dan degene die we zelf aantroffen. En we mogen daarbij niemand achterlaten. Ook de kinderen van Charleroi moeten die betere planeet erven of we zullen er nooit in slagen dat te verwezenlijken.

Maar wat is de rol van België? Hoe denkt België een bijdrage te kunnen leveren aan deze veiligere en meer welvarende wereld van morgen? Sinds ik naar België ben gekomen, heb ik enkele mensen horen zeggen dat België slechts een klein land is en zodoende niet kan bijdragen om een betere, veiligere en meer welvarende toekomst op te bouwen. Ik verwerp die idee. Wat belangrijk is, is niet de grootte van een land maar wel het hart van zijn leiders. Er zijn geen kleine landen met grote leiders. Ik heb ontmoetingen gehad met Premier Van Rompuy, Minister van Buitenlandse Zaken Leterme, Minister van Defensie Decrem, Minister van Financiën Reynders, Stafchef Van Daele en vele anderen. Ik heb Minister Magnette gehoord. België heeft inderdaad grote leiders die nodig zijn om het voortouw te nemen en niet om zomaar te volgen, zij het inzake Afghanistan, voor economische welvaart, klimaatverandering, Guantanamo, enz. Om met woord en daad deel te nemen aan de opbouw van een veiligere en meer welvarende toekomst. De menselijke en financiële middelen zullen kleiner zijn dan van sommige andere landen maar de morele overtuiging heeft niets te maken met bevolkingsaantal of bruto binnenlands product.

Conclusie

Dit is mijn eerste bezoek aan Charleroi maar het zal niet het laatste zijn. We hebben samen te veel te doen en het samen te doen.